Leidinggeven
      Online Cursus
          Leidinggeven kun je leren met de gratis online cursus 'leidinggeven' van EGOclub     |     Terug naar alle cursussen »
          Les 1 Wat is leiderschap en wat niet?

1. Introductie

Iedereen geeft wel op de één of andere manier leiding. Binnen je familie, bij de sportclub, bij de organisatie van (buurt)activiteiten, in de kerk, op je werk, of bij het begeleiden van een kinderfeestje. Zelfs het jongetje dat het idee heeft om een boomhut te gaan bouwen en daarvoor zijn vriendje meesleept, is een leider.

Je hoort weleens dat ‘goede leiders worden geboren’. Sommige mensen hebben inderdaad van nature kwaliteiten die ze tot leider bestempelen. Maar iedereen kan leidinggeven leren. Sommige van de grootste wereldleiders waren in hun jonge jaren bepaald geen mensen die voorop liepen. Laat u daardoor inspireren en ontdek hoe ook jij een goede leider kunt worden.

Voor alle duidelijkheid: deze cursus is niet bedoeld voor hoge leidinggevenden in (grote) bedrijven. Deze cursus is voor mensen die in allerlei andere situaties een betere leider willen worden (waaronder ook bijvoorbeeld leiding geven in kleinere werksituaties). We spreken in deze cursus vaak over ‘het team’ of ‘de teamleden’; daarmee doelen we op alle situaties waarin leidinggeven een rol speelt. Een ‘team’ kan dus een gezin zijn, deelnemers aan een activiteit, een sportteam, enz.

2. Wat is leiderschap?

Goed leiderschap vereist visie, creativiteit, de moed om onbegaande paden te bewandelen, en het vermogen om anderen te inspireren, te stimuleren en richting te geven.

Er zijn verschillende definities van leiderschap, maar in een compacte beschrijving is het: de richting aangeven en anderen motiveren, om een doel te bereiken dat in het belang van de groep is. (Al zijn er leiders die anderen gebruiken, uitsluitend om er zelf beter van te worden, maar die duiden we dan ook aan met negatieve termen als ‘misbruik van macht’ en ‘corrupt’.)

Een nog veel simpeler definitie is: een leider heeft volgers. Dat klinkt logisch, maar denk er eens over na. Het gaat erom dat er mensen zijn die een leider willen volgen. Met andere woorden: dat ze hem of haar het vertrouwen geven. Leiderschap is gedrag dat het ‘zelf willen’ bij mensen oproept. Omdat het idee aanspreekt, omdat het oprecht en eerlijk is en we het doen in het belang van ons allemaal.

In het bovenstaande ligt al besloten dat leiderschap niet kan worden afgedwongen, het moet worden verdiend. Op het moment dat mensen het vertrouwen opzeggen, is de leider geen leider meer. Je kunt je daarom ook nooit beroepen op je positie. Als je zegt: “Ik ben de baas/je vader/je trainer en daarom gaan we het doen zoals ik wil” is dat geen leiderschap, maar – een groot woord, maar toch – dictatuur.

3. Is leiderschap nodig?

Over deze vraag verschillen mensen van mening, maar over het algemeen kun je zeggen dat het wel degelijk uitmaakt. Goed leiderschap is cruciaal voor het succes van een groep als geheel, maar ook voor het welvaren van de individuele mensen in die groep.

Bedrijven zijn hiërarchisch gestructureerd, omdat dat het meest efficiënte model is om het gezamenlijke doel – hogere productie en winst – te bereiken. Goed leiderschap zorgt er ook voor dat ieder lid van een groep naar waarde wordt geschat en kansen krijgt zich te ontwikkelen. Let op wat hier staat: goed leiderschap. Een leider die er alleen op uit is om zijn eigen ‘positie’ te handhaven is geen goed leider. Sterker, die komt uiteindelijk ten val (kijk naar afgezette staatshoofden die tot het bittere einde krampachtig aan hun positie vasthielden).

Kinderen hebben bij het opgroeien begeleiding nodig en rolmodellen. Leiding in het gezin, op school en bij de sportclub is dus ook nodig. Ze moeten groeien naar zelfstandigheid. Dat betekent niet ze aan het handje leiden; dat betekent ze zelfstandig dingen laten doen die ze aankunnen. Kinderen moeten gestimuleerd en gemotiveerd worden om doelen op korte of lange termijn te bereiken.

Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld een sportteam. De trainer bepaalt de hoofdlijnen, zijn assistent voert (delen ervan) uit en de spelers moeten zich ervoor in het zweet werken. Hoe vaak gebeurt het niet dat een voetbalteam opeens anders gaat spelen onder een nieuwe trainer? Die frisse wind, die nieuwe leiding, kan wonderen doen.

4. Alternatieven voor leiderschap

Sommige mensen hebben moeite met het begrip ‘leiderschap’. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw was het bijna een vies woord. Iedereen was gelijk, een ieder mocht zijn zegje doen en niemand had de ‘leiding’. O nee? Was Daniel Cohn-Bendit in 1968 niet de leider van de studentenprotesten in Frankrijk? En of hij een leider was!

In de ‘alternatieven’ voor leiderschap zijn bijna altijd toch leiders te vinden. In een coöperatie (letterlijk: samenwerking) zal vaak een persoon het samenwerkingsverband leiden; in een consensusmodel (overeenstemming) zal er iemand zijn die de discussie leidt; in een leidersgroep (meerdere mensen die samen de leiding vormen) zal altijd iemand het voortouw nemen.

Het is overigens niet per se de ‘baas’ die de leidinggevende is. Je ziet dat vaak in teams zonder officiële leider. Toch zal er in een groep altijd iemand zijn die de leidersrol op zich neemt. Andersom komt ook voor: er is een leider aangesteld, maar iemand anders heeft veel meer invloed op de groep. Ideeën en voorstellen van de officiële leider worden genegeerd; de groep luistert naar de onofficiële leider.

5. Culturele verschillen

Naast de verschillende leiderschapsstijlen bestaan er ook verschillen tussen landen en culturen. In de westerse cultuur is het onaanvaardbaar als een leider domweg bevelen geeft. Ondergeschikten kunnen hun zegje doen en er is overleg. Uiteindelijk is het wel de leider die de beslissingen neemt en verantwoordelijk is.

In meer hiërarchisch ingestelde culturen is het juist weer ongepast als ondergeschikten een hoger geplaatste tegenspreken. Vanuit een westerse optiek lijkt dat star, niet flexibel en inefficiënt. Maar dat hoeft helemaal niet het geval te zijn. Het hangt ervan af hoe mensen gewend zijn om dingen gedaan te krijgen. Er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden, en in andere culturen bewandelen ze andere wegen dan wij.

Dit zijn slechts grove verschillen. Er zijn ontelbare subtiele verschillen waar je rekening mee moet houden in (of met) andere culturen. Van hoe je iemand begroet en een afspraak vastlegt tot welk vervoermiddel je gebruikt (in Nederland kwam een premier weleens op de fiets naar het parlement; in andere culturen is zoiets voor de leider van het land ondenkbaar).

6. Leidinggeven is géén management

Managers worden nogal eens verward met leidinggevenden. Hoewel er raakvlakken zijn en sommige managers deels ook leidinggeven, is er een duidelijk verschil.

Dit is het beste te illustreren met een voorbeeld. Een leidinggevende heeft het idee dat er een nieuwe weg moet worden aangelegd. Hij voegt eraan toe dat die weg van A via B naar C moet lopen en overtuigt anderen ervan dat dit een geweldig plan is. De manager zorgt ervoor dat de benodigde materialen er komen, dat er mensen worden ingehuurd om de weg aan te leggen, en dat dit binnen de gestelde tijd gebeurt. Oftewel: de leidinggevende komt met vernieuwende ideeën, geeft de richting aan en motiveert, de manager voert uit en houdt de voortgang in de gaten.

Anders gezegd: de leidinggevende denkt strategisch, een manager is meer tactisch ingesteld. De autoriteit van een manager is gebaseerd op zijn rol, een leider verwerft autoriteit door creatieve ideeën te lanceren. Een leider is op zoek naar vernieuwing, een manager denkt vooral aan ‘de zaak draaiende houden’. In de volgende twee hoofdstukken gaan we iets dieper in op het verschil met praktijkvoorbeelden van management en leidinggeven.

7. Management: een voorbeeld

In de Hoofdstraat is Kees de manager van Fred’s Delicatessen. Hij heeft z’n zaakjes keurig voor elkaar. De winkel ziet er altijd schoon en opgeruimd uit, de waren staan netjes uitgestald, de aanbiedingen springen in het oog, en hij let op kwaliteit en versheid. Verder kent Kees zijn klanten, heeft tijd voor een praatje, dient ze van advies en geeft kinderen altijd een gratis plakje kaas of worst. Het liefst van een soort die net nieuw is, of waarvan hij vermoedt dat de klant die lekker zal vinden. Zijn medewerkers zijn al even behulpzaam. Door deze benadering heeft Kees een trouwe klantenkring opgebouwd en draait de zaak uitstekend.

Ieder bedrijf, ieder team, ieder gezin heeft managers nodig. Zij kennen hun zaakjes en zorgen ervoor dat alles op rolletjes loopt. Zolang er niets verandert, is er geen vuiltje aan de lucht, maar in de praktijk verandert er geregeld iets.

In het voorbeeld van Fred’s Delicatessen: er komt een nieuwe winkel aan de overkant van de straat, de DeliSuper. Die winkel heeft niet alleen een groter aanbod, de prijzen liggen er ook lager dan bij Fred’s Delicatessen. Kees is er niet van onder de indruk. Hij biedt toch een persoonlijke en veel betere service?

8. Leiderschap: een voorbeeld

Fred, de eigenaar van de delicatessenwinkel, ziet de bedreiging van de winkel aan de overkant wel. De lagere prijzen zullen klanten bij hem wegtrekken, zoveel is ‘m wel duidelijk. Zijn eigen prijzen verlagen zou ten koste gaan van de winst en dat is voor Fred geen optie.

Fred denkt over de situatie na en komt met een oplossing. Hij wil de serviceverlening uitbreiden. Klanten kunnen voortaan hun bestellingen via internet doorgeven en de boodschappen worden aan huis bezorgd. Verder wil hij zich richten op speciale doelgroepen, zoals werkende moeders (die zijn er veel in de wijk), en mensen met een speciaal dieet. Hij verwacht dat met deze benadering de winkel later misschien zelfs wel meer winst kan maken.

Dat is leiderschap. Een leider ziet veranderde omstandigheden als een uitdaging, een kans om iets nieuws te doen, een aanleiding om de eigen zaak onder de loep te nemen en veranderingen toe te passen die op termijn zelfs beter kunnen uitpakken.

9. Iedereen profiteert van leiderschap

Eerder in deze les hebben we gezegd dat leiders veranderingen doorvoeren in het belang van de groep. Maar Kees, de manager van de delicatessenzaak, ziet de ideeën van Fred helemaal niet zitten. Hij bagatelliseert de bedreiging van de nieuwe winkel en wijst op de trouwe klantenkring die hij, Kees, heeft opgebouwd. Hij heeft helemaal geen zin om boodschappen voor de klanten te gaan doen, want daar zal het op neerkomen als die via internet gaan bestellen.

Het is een volkomen natuurlijke reactie. Veel mensen houden niet van verandering en verzetten zich ertegen: “Het loopt zo toch goed?” Het is de taak van de leider om verder in de toekomst te kijken en de noodzaak van veranderingen aan anderen uit te leggen. Fred zal aan Kees moeten uitleggen dat, als er niets gebeurt, de zaak op termijn verlies zal maken en misschien moet worden gesloten. Dat zal Kees zijn baan kosten. Fred kan ook wijzen op de nieuwe vaardigheden die Kees zal leren (een nieuw computersysteem) en dat hem dat in de toekomst van pas zal komen. En omdat er mensen nodig zijn om de boodschappen te bezorgen, hoeft er niemand van de medewerkers ontslagen te worden.

Zo profiteert iedereen van de veranderingen die de leider wil doorvoeren.

10. Samenvatting

Een leider is alleen een leider als hij volgers heeft: mensen die hem het vertrouwen geven om te leiden. Leiderschap kan daarom nooit worden afgedwongen.
De trainer/winkeleigenaar/teamleider die zijn spelers/personeel/teamleden voortdurend afsnauwt, wijst op de fouten die ze maken en arrogant z’n eigen ‘kwaliteiten’ roemt, is geen leider. Hij is een tiran, een bullebak, een arrogante kwal die dénkt de leiding te hebben, maar geen echte volgers heeft.

Behalve dat de groep in zo’n geval geen stapje extra zal willen doen, zal het verloop ook vaak groot zijn: de spelers zoeken een ander team of zelfs een andere club, het personeel of de teamleden nemen ontslag. Of de groep neemt gezamenlijk actie en zegt het vertrouwen op in de ‘leider’.

Net zoals iedere groep (of het nu om een gezin, project, hobbyclub of winkel gaat) managers nodig heeft om de boel draaiende te houden, heeft een leider een team nodig om leider te kunnen zijn.

          Toets uw kennis

(De goede antwoorden op onderstaande vragen kunt u vinden boven in de rechterkolom)

Vragen

1.    Wanneer is een leider een leider?

A.    Als hij leiderschapseigenschappen vertoont
B.    Als hij zijn wil aan anderen kan opleggen
C.    Als hij volgers heeft
D.    Als zijn team successen behaalt


2.    Leiderschap is...

A.    ...soms aangeboren, maar ook te leren
B.    ...aangeboren, en nauwelijks te leren
C.    ...soms te leren, maar meestal aangeboren
D.    ...nooit aangeboren, alleen door ervaring te leren


3.    “De ‘baas’ is de leider”

A.    Ja, die positie geeft hem leiderschap
B.    Nee, niet altijd
C.    Ja, anders was hij nooit de baas geworden
D.    Ja, want hij heeft de macht


4.    Veranderingen in omstandigheden zijn voor een manager...

A.    ...een uitdaging
B.    ...een bedreiging
C.    ...niet van belang
D.    ...een gegeven

(Let wel: er wordt hier gevraagd naar de zienswijze van de manager, NIET de leider!)


5.    Veranderingen in omstandigheden zijn voor een leider...

A.    ...een bedreiging
B.    ...een gegeven
C.    ...niet van belang
D.    ...een uitdaging


6.    Je bent de voorzitter van de enige voetbalclub in het dorp. Een groep dorpsgenoten vindt dat de club zich te veel richt op de jeugd en te weinig op oudere leden en besluit daarom een tweede voetbalclub op te richten. Wat denk je?

A.    “Die ‘oudjes’ doen hun best maar, de jeugd heeft de toekomst.”
B.    “Naast de jeugd, boren we een andere doelgroep aan, misschien de allochtonen?”
C.    “Dat redden ze nooit, onze club heeft historie, is een instituut in het dorp.”
D.    “We moeten inderdaad meer aandacht besteden aan de volwassenen.”


7.    Van goed leiderschap…

A.    …profiteert vooral de leider
B.    …profiteren vooral de leider en manager(s)
C.    …profiteren de leider en het team
D.    …profiteert vooral het team


8.    Verzet tegen veranderingen is…

A.    …een menselijke eigenschap
B.    …een eigenschap van managers
C.    …een eigenschap van leiders
D.    …een eigenschap van negatievelingen


9.    Een goede leider denkt:

A.    Tactisch
B.    Methodisch
C.    Strategisch
D.    Rechtlijnig


10.    Een leidinggevende is een leider als hij…

A.    …een team heeft
B.    …volgers heeft
C.    …managers heeft
D.    …vernieuwend denkt



Custom Search




          EGOclub Cursussen


          Antwoorden Les 1

Vraag 1. Goed antwoord: C

Vraag 2. Goed antwoord: A

Vraag 3. Goed antwoord: B

Vraag 4. Goed antwoord: D

Vraag 5. Goed antwoord: D

Vraag 6. Goed antwoord: B

Vraag 7. Goed antwoord: C

Vraag 8. Goed antwoord: A

Vraag 9. Goed antwoord: C

Vraag 10. Goed antwoord: B
          Inhoud Online Cursus Leidinggeven van Egoclub     |     Terug naar alle cursussen »


    Leidinggeven
      Online Cursus






Leidinggeven kun je leren met de gratis online cursus leidinggeven van Egoclub.
© cursusleidinggeven.egoclub.com Alle rechten voorbehouden.